De shi’oer op zondagavond van de Rav, via Zoom, geeft hij al een aantal jaren aan ons vijven. Omdat we met deze website aan u een inkijkje geven in ons leren volgt hier een kort overzichtje van wie wij zijn of wat ons bezighoudt. Er is een directe relatie tussen de persoon, het Torah leren ( dat is dus inclusief Talmoed leren) van die persoon en zijn davvenen= gebeden zeggen aan HaKadoushBaroech= De Heilige, gezegend is Hij. Daar komt bij de band die wij met elkaar en u hebben. Samen zijn we Am Yisrael= het volk van Israel en iedereen die zich daarbij rekent. Wie u zelf bent zal u duidelijk zijn. Samen met de Rav zijn we met zijn zessen. Wie wij als leerlingen zijn maken we een beetje duidelijk met het volgende.
Beste Avraham je vroeg mij om iets te schrijven over wat mij heeft getroffen. Jodendom is eigenlijk elke dag je verwonderen over grote en kleine dingen die gebeuren. Mijn eerste ervaring dat wij iets met het Jodendom wilde doen was in Israel en tijdens erev shabbat-maaltijden bij Shlomo (onze mede talmidiem bij de shiur van Rav Frankenhuis) en Mirjam. Wij waren destijds bijna buren en onze zoons zijn in dezelfde week geboren, even oud en vrienden. Het is moeilijk te omschrijven, maar het was een onbedwingbaar gevoel om hier iets mee te doen. Dat ik hier in Maastricht voorzitter ben geworden is een lang verhaal. Om geen boek te schrijven sla ik grote delen van het verhaal over.
Ik begin maar met onze verhuizing in 2001 naar Zuid-Limburg. Ik vond de verhuizing vooral toeval. Je wordt gevraagd voor een baan en wij gingen. Ik zocht er niets achter. Achteraf besef je pas dat het pad van HaSjem ons hierheen heeft gevoerd. Wij waren ook helemaal niet van plan om lid te worden van een orthodoxe synagoge in Maastricht. Wij waren lid van een liberale synagoge en dat vonden we prima. Ik kende wel wat mensen van de synagoge in Maastricht, maar wij wilden niet direct onze liberale sjoel inruilen voor een orthodoxe sjoel. Bovendien woonden we in Sittard en de sjoel was in Maastricht. Wij waren toen ook niet shomer shabbat. Uiteindelijk zijn we toch gaan kijken in de sjoel van Maastricht en niet meer weggegaan. Van het een komt het ander. Wat ik bijzonder vond is het volgende. Ik doe elke ochtend Daf Yomi en ik ontmoette via zoom Frank Levy. Frank woont in Israel, maar Frank zijn zus woont in Maastricht. Hij zei mij daar kunnen jullie vast wel slapen voor shabbat. Dat lukte inderdaad. Zo konden wij shomer shabbat worden. Zijn zus en haar man deden niets aan het jodendom, maar zij boden ons wel een slaapgelegenheid. Eten konden we bij de rabbijn. Lid worden van een orthodoxe synagoge is een, maar in een bestuur gaan zitten is toch wel weer een grote stap. Wij waren koud lid en toen vroeg de toenmalige voorzitter of ik hem wilde opvolgen. Letterlijk zei hij: “jij bent de enige in deze kehille die het kan.” Ik had daar eigenlijk geen zin in. Ik was nog druk met mijn werk. Bovendien was hij een bekende Maastrichtse zakenman en hij kende iedereen en ik kende vrijwel niemand in Maastricht . Ik realiseerde mij ook dat iemand de kar moet trekken en heb de handschoen opgepakt. Natuurlijk waren er strubbelingen, maar ik kreeg steeds meer het gevoel dat HaSjem mij op de juiste momenten de goede richting opstuurde. Inmiddels hebben we kehille die elke week minje heeft (het wonder van maastricht) en met relatief weinig joden toch goed draait. Waar ik zelf heel blij van werd, was het eerste succes over de in de Tweede Wereldoorlog onteigende joodse huizen in Maastricht. Naast een indrukwekkend onderzoek waar de geschiedenis van de joden in Maastricht uitgebreid wordt beschreven, heeft het College van Burgemeester en Wethouders openbare excuses aangeboden aan de Joodse gemeenschap en ook een geldbedrag beschikbaar gesteld. Inmiddels hebben we dat ook voor elkaar gekregen in Roermond en de komende maanden volgen er nog andere gemeenten.
De afgelopen periode hebben we nog wel nagedacht om naar Israel te gaan. Een gesprek met Yoel Tjordjman z’’l in 2023 in Zefat heeft mij voorlopig op andere gedachten gebracht. Hij zei met zoveel woorden dat mijn taak in Maastricht lag. Yoel Tjordjman was een kunstschilder, maar vooral een heel wijs man die in staat was om mensen te lezen. Inmiddels heeft Hasjem ons ook daadwerkelijk naar Maastricht gebracht. November 2024 zijn we verhuisd van Sittard naar Maastricht en wonen nu op 5 minuten lopen van Sjoel. Kortom deze weg is geen toeval, maar gepland.
Wat de toekomst brengt is besloten in het pad van Hasjem. Met de hulp van Hasjem kan i ik mij nu in ieder geval nuttig maken voor de joodse gemeenschap In Limburg.
( Dit artikel van Ernst zo uit de mail overgenomen. Er was te wijzigen, merkte ik. Toen heb ik van talmiedim gemaakt: talmidiem, en van het woord Hashem gemaakt: HaShem.
Gezegend zij Zijn Naam. Met excuses. Zelf heb ik er een hekel aan als anderen in mijn tekst zitten te rommelen. Nu doe ik het zelf…Selichah= spijtig, vergeef me).
Henri is sterk verbonden met de musar. Hij reist naar allerlei musar evenementen en instituten, ver weg en dichtbij, althans dat meen ik van hem gehoord te hebben. Dat is als hij zich weer eens verontschuldigt de shi’ur niet te kunnen volgen, want hij moet naar de musar daar en daar. Musar heet in de niet joodse wereld ethiek. Ethiek is eigenlijk de leer van wat een mens te doen, te laten en te zijn heeft. In musar komt daar nog een dimensie bij. Namelijk hoe wij min hashamayim= vanuit de hemel, met ‘tuchtigingen’ worden bijgestuurd om de wil van HaKadoushBaruchHu toch uit vrije wil te doen.
Shlomo is de grote practicus onder ons. Hij is in Israel gaan wonen, in Tsfat. Je hoort als jood in Israel te zijn. Tenminste drie maal per jaar. Dus woont hij daar. Als hij niet in de shi’ur aanwezig is, is hij waarschijnlijk weer voor een paar weken in nederland heb ik gemerkt.
Johan is onze filosoof. Hij zit altijd te multitasken. Zit diep te lezen in een of ander filosofisch werk, maar volgt stipt de shi’ur van de Rav.
Vaak, op de zondagavond zitten we samen op zoom een uur te luisteren naar de shi’ur van de Rav. Ernst vanuit de drukte van allerlei zaken van de kehilla, toen en nu. Henri vanuit de diepte van musar. Johan met het hogere denken van de mens. Shlomo met de praktijk: halacha moet je doen, anders begrijp je de Torah niet! Avraham die er een website op maakt. De Rav giet ons in de gemara.
Geboren en getogen op het eiland Texel. Voor de studie van theologie verliet ik het eiland. Zie het artikel Hoe kwam het zo,
voor momenten uit mijn jeugd. Geboren in 1951 was ik dus naoorlogs. Hoewel mijn ouders totaal niet bekend waren met het Joodse leven werd mij niet de verschrikkingen van de Holocaust onthouden. Toen de verschrikkingen van de tweede oorlog bij het publiek bekend werden werd er met verbijstering over gesproken.
Maar de enkelingen die terugkwamen uit de vernietigingskampen verlieten Nederland weer meteen om te gaan leven in Israel. Bekend is hoe terugkeerders naar Amsterdam de rekening gepresenteerd kregen van de achterstallige huur van hun woning waar ze uit weggeroofd waren, een paar jaar eerder. Zó formeel zijn wij nederlanders!
Steeds staan mij die foto’s voor ogen van uitgemergelde mensen die de bevrijders aantroffen toen zij in het duitse gebied de vernietigingskampen aantroffen. Foto’s van verbrandingsovens…
Zo ontzet waren mijn ouders hierover. Verschrikkelijk. Zeker als kind heb je een soort innerlijke afweermechanisme om al dit afschuwelijke van je af te houden. Mijn ouders hamerden mij in dat het Joodse volk het belangrijkste volk op aarde is. Het is het volk van de Schepper van hemel en aarde, gezegend zij Hij. Maar hoe heeft dit dan aan het Joodse volk kunnen gebeuren? Mijn vader legde uit dat er in de mens iets heel kwaadaardigs kan opkomen dat zich tegen de Schepper verzet. Kun je het je voorstellen: de Schepper heeft jou gemaakt en jij verzet je tegen de Schepper? Dat kan toch niet? En niet alleen verzet tegen de Schepper van hemel en aarde, maar ook tegen Zijn volk! Het is volstrekt redeloos, zinloos en drijft alleen maar de spot. Toch gebeurt het. Het heet antisemitisme.
Dit liet diep in mijn geheugen de omgekeerde gedachte achter dat Joden echt heel belangrijk zijn. Uiteraard in de eerste plaats voor zichzelf, maar ook voor anderen en zeker voor de Schepper. Ik rekende mij tot die anderen. Want mijn ouders zeiden dat we niet joods waren.
Verder groeide ik op aan de rand van het dennenbos op het eiland met daarachter de duinen, die grenzen aan de zee. Heel wat uren zwierf ik alleen rond in de natuur. Maar ik moest voor het avondeten om zes uur thuis zijn. In het voorjaar is dat met het invallen van de duisternis. Ik was een ‘nakomertje’. Mijn zus 7 jaar ouder mijn broers 17 jaar ouder. Buiten het dorp wonend, was ik dus alleen. Een halve kilometer verder woonde wel een paar grote gezinnen. Maar die waren katholiek en moest ik mijden, want ik was protestants. Zo was dat. Een keer met eieren zoeken in het voorjaar was ik te laat. Zwervend door de weilanden achter huis was het al dik donker geworden, maar ik was nog aan het zoeken. Je hoorde immers de kieviten paniekerig hun roep afgeven. Kwam je vlak bij het nest, een kuiltje tussen het gras met wat groene eieren, dan doken zij in hun vlucht op je af. Plots hoorde ik mijn vader roepen en realiseerde mij: oejjj, ik ben te laat. Mijn zus, BaroechHaSjem= gezegend zij de Naam, is nog steeds in leven. Van haar heb ik begrepen dat ik alles op het laatste moment doe. Zoals bijvoorbeeld deze website. Daar had ik natuurlijk jaren eerder aan moeten beginnen. Joods leven opbouwen valt immers niet mee, zeker als er bijna geen volksgenoten in de buurt wonen. Maar de moderne communicatiemiddelen maken dat eenvoudiger. Zo zat ik gisteravond met mijn zoon gemara te leren. Het begin van het traktaat Makkot= klappen, die je als straf wel eens zou kunnen verdienen als je dingen zegt die niet waar zijn. Dat is het onderwerp dat wij, de vijf leerlingen, nu leren van de Rav. En ik leer het dan ook met mijn zoon. We liepen helemaal vast. Het is opgeschreven om het te begrijpen, maar we konden er geen touw aan vastknopen. Het duikt op je af, maar het lukte niet het te begrijpen. Jochanan, mijn zoon, belde daarop zijn Rav in Israel onder wie hij tot een jaar of wat geleden leerde: Yes, hello, this is Jochanan. How is it? My father and I are stuck in a piece of gemara. The end of gemara on the first Mishnah of Makkot. Can you help us out? Er volgt een telefoon gesprek van een half uur. Ik hoor alleen de reacties van mijn zoon. I don’t understand… Why.. It says.. But why than… I don’t understand… But it says clearly….No, I don’t understand.. Dat ging zo een tijdje door, totdat : Oo, I see…is it really only on that? Ahh, I thought…. Then what about?.... Oohhww, .. yes I see…. Now I understand… Aahhaa, yes.. Thank you so much…
Bye. Kun je je voorstellen een Rav wordt ’s avonds laat gebeld en is meteen in staat uitleg te geven! En je moet weten dat er wel 39 traktaten gemara zijn! (Van de Mishnah 63). Jochanan legt me uit: hij is wel een van de weinigen die meteen antwoordt. Meestal moet er eerst eens even naar gekeken worden. Makkot is ook wel een van de bekendere delen van de gemara. Zo is dan samen- zitten- leren.